Kielegats carnavalslied 1977

“Kielegat”

Henny Martens met de Vreugdepeuken en jongerenkoor
Tekst en muziek Frits Bayens

REFREIN:
Kie-le-gat, Carnaval onder de Toren
Kie-le-gat, ‘k wil jouw feestgedruis weer horen, ja ja
Kie-le-gat, Ik ben in jouw schoot geboren
En klinkt een de warme melodie, als ‘k de Grote Toren zie
Dat is mijn stad, het Kielegat

Couplet:
Als de Vastenavond komt, het chagrijn even verstomt
Als alles lijkt herboren
In de verte klinkt muziek, kek daar ziedde Thuurke Piek
Kan geen mens de leut verstoren
Zie de mensen hossen in een lange rij
Dan springt oe hart weer open en ge voelt ‘oe vrij in ’t

REFREIN:

Couplet:
Als de grote optocht gaat, serpentines op de straat
Als de binnenstad een feest is
Als het maandagavond wordt, duurt de carnaval nog kort
Blijft nog gaan wiens dorst het meest is
Als op dinsdag Kis en Mis verbranden gaan
Wie voelt dan niet zijn hart een laatste roffel slaan in,

REFREIN:

Couplet:
Hé Kielegat, à carnaval onder de toren
Zalig, alles lijkt naar voren
Hoor de muziek in de verte
Zie Thuurke Piek daar komme ze la la la
Kie-le-gat,
Ik ben in jouw schoot geboren
En klinkt een de warme melodie, als ‘k de Grote Toren zie
Dat is mijn stad, het Kielegat